De Joodse Synagoge

Rond het begin van de 19e eeuw vestigden zich in Vaals joden afkomstig uit Pruisen. De synagoge-diensten werden rond het midden van de 19e eeuw in een privé-woning gehouden. In een later stadium vonden de godsdienstoefeningen plaats in een gebedszaal, een schuur, aan het von Clermontplein. De ingang bevond zich waar nu huisnr. 24a is.

 

De Sint Pauluskerk

De (nieuwe) St. Pauluskerk, ontworpen door architect J. Kayser, is in de jaren 1891-1893 evenwijdig met de straat gebouwd ter vervanging van de oude St. Pauluskerk bij de middeleeuwse gemeentetoren, die de functie van patronaatsgebouw kreeg en in 1967 werd gesloopt. Het is een neogotische kruisbasiliek, die van zijn bouwer een mooie, samenhangende vorm kreeg. Deze bouworde geeft uitdrukking aan het zich herstellende katholicisme, een bewijs voor “de oudheid en onvergankelijkheid des geloofs”. De neogotische inrichting is nog grotendeels aanwezig. De zeven gebrandschilderde ramen vóór in de kerk zijn van 1901. Achter in de kerk bevindt zich het glas-in-lood-tableau “De Kruisafneming van Christus” gemaakt naar een schildering van de Vaalser kunstschilder Frans Griesenbrock.

 

De Mennonietenkerk

Tegenover het „Stammhaus“ van de familie von Clermont (het huidige gemeentehuis) aan het von Clermontplein bevond zich de kerk van de Mennonieten, zo genoemd naar Menno Simons (1496-1561). Volgens deze ging Maarten Luther niet ver genoeg in zijn kritiek op de katholieke kerk. Menno Simons, pastoor in zijn geboortedorp Witmarsum, voelde zich sterk aangetrokken tot het geloof van de wederdopers. De dopers waren veel radicaler dan de protestanten: ze vonden dat geloof alleen niet genoeg was. Je moest ook leven naar dat geloof als volgeling van Christus. De dopers werden zo genoemd, omdat zij geloofden dat alleen een volwassen mens, bewust van zijn geloof, zich kan laten dopen. Eerst belijden en dan pas dopen!

De doopsgezinden uit Aken vestigden zich in 1601 in Burtscheid en stichtten daarna een kerkje in Vaals, waarover in 1740 wordt vermeld dat het „klein, met leeme wanden opgehaald en met rietdak bedekt“ is, waarna later op deze plek het tegenwoordige complex ontstond. Van het gebouw van de wederdopers bestaat nog een gedeelte en is gelegen in de zuidwesthoek achter het complex tussen de twee torens. Oorspronkelijk had het kerkje één toren, die later is afgebroken en twee andere tegenover elkaar zijn gebouwd.

In de volksmond heet het huidige complex “Verves“, en dankt zijn benaming aan de vroegere bestemming: verfhuis (voor textielprodukten) van de doopsgezinde gemeente. Een zaal in dit gebouw werd als kerkruimte gebruikt. Deze verloor haar functie na de dood van de laatste predikant in 1776, waarna de gemeente snel in aantal achteruitging zodat er omstreeks 1800 nog maar twee huisgezinnen van de doopsgezinden over waren gebleven.

 

De Evangelisch - Lutherse kerk

De kerk is, naar voorbeeld van de Akense dom, op een (onregelmatige) achthoekige grondslag gebouwd. Maar ook omdat men geen aanstoot wilde geven moest de centraalbouw zo min mogelijk op een kerk lijken. Als het donker is, en de verlichting binnen brandt, lijkt dit achthoekig gebouw op een lantaarn, vandaar dat in de volksmond de naam “de luuët” is ontstaan.

Wie de bouwmeester is, is niet zeker. De kerk die van buiten de bouwtrant van de Akense architect Laurenz Mefferdatis vertoont (rechthoekige vensteromlijstingen met samengestelde sluitstenen), kreeg binnen een preekstoel met daaronder een altaarnis naar ontwerp van Johann Josef Couven. Van hem stammen ook de in rococostijl uitgevoerde herenbanken van de familie von Clermont (lakenfabrikant) en de familie Pastor (naaldenfabrikant). Het prachtige Bachorgel stamt uit 1762 en werd pas na veel strubbelingen in 1765 voor het eerst bespeeld.

Bij de inwijding op de eerste zondag van de advent in 1737 waren er onder de toehoorders niet alleen lutheranen maar ook gereformeerden, doopsgezinden, katholieken en joden. De gelovigen waren vooral afkomstig uit de grensstreek met Duitsland. Aangezien de gildebepalingende expansiemogelijkheden in Aken beperkten, togen de laken- en naaldenfabrikanten naar het Staatse Vaals, waar het voor de protestanten, mede door de godsdienstvrijheid, aangenaam verblijven was. De familie von Clermont, die tot de Lutherse gemeenschap behoorde, kon hier vrijelijk religie en bedrijf uitoefenen.

Opmerkelijk is dat rijksgraaf Von Seckendorf, die als commandant-generaal van het keizerlijk leger zijn winterkwartier in Aken had, op 12 april 1736 de eerste steen legt.

Over de financiering van het kerkgebouw schrijft de Akense chronist Johannes Janssen: In Aken vertoeft al enige tijd generaal Von Seckendorf, met tientallen officieren en een heel leger aan manschappen. Om mens en paard te voeden grijpt hij steeds vaker in de stadskas, d.w.z. schatkist. Maar zoveel geld hebben mens en paard niet nodig, de generaal gebruikt het geld “zum Bau einen Luthers Tempel zu Faels”.

In 1955 werd deze kerk buiten gebruik gesteld en doet sinds 1967 dienst als Cultureel Centrum. Het oorspronkelijke interieur is gelukkig bewaard gebleven.

 

De Franse Kerk

De politieke verwikkelingen van de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) brachten ook in onze streek veel onrust. Op godsdienstig terrein waren het de Staten-Generaal der Nederlanden die de protestanten ondersteunden, terwijl de Spaans overheersers de katholieken steunden. De politieke, religieuze en maatschappelijke gebeurtenissen in het naburige Aken hadden invloed op de historie van Vaals.

Vluchtelingen uit o.a. Vlaanderen vestigden zich in het midden van de 16e eeuw in Aken. Het waren fabrikanten in fijne wollen stoffen. Zij stichtten in 1558 in Aken de Waals-Gereformeerde gemeente. Zeker is dat bijna alle leden van de Waalse gemeenschap tot de bouw van hun kerk niet in Vaals woonden, maar in Aken en het naburige hertogdom Limburg (België), waar evenals in Aken en Burtscheid ook geen protestantse eredienst mocht plaatsvinden. De uitoefening van hun godsdienst werd in Vaals (oogluikend) toegestaan. Uit archiefstukken mag men opmaken, dat zij in de zgn. “Franse schuur” (noordzijde Akenerstraat), die in 1649 werd aangekocht hun diensten hielden. Zolang hebben zij echter niet de schuur benut, want in 1667 bouwden zij er tegenover hun eigen kerk, L’église Walonne (zuidzijde Akenerstraat) die in de volksmond nog altijd de “Franse kerk” wordt genoemd.

Deze geloofsrichting heeft zich in Vaals echter niet voldoende kunnen doorzetten. Na vertrek van de laatste predikant in 1797 werd in 1803 het kerkgebouw overgedragen aan de Duits-Gereformeerde gemeente. Het avondmaalzilver ging naar Grevenbicht en de preekstoel werd in 1824 tegen een kleine gift voor de armen aan de katholieke kerk van Vijlen geschonken.

In 1837 werd het gebouw aan een bakker verkocht. Deze laat er verdiepingen in aanbrengen en vestigt op de benedenverdieping een bakkerij. In 1850 werd het gebouw weer verbouwd en werden er woningen in gevestigd. In 1985 sluit de familie Schiffers definitief de deuren en komt er een einde aan bijna 150 jaar bakkersgilde in dit voormalige kerkgebouw.

De resten van de kerk, maar nu zonder toren, zijn nog te zien. Aan de oostkant waar de hoofdingang was heeft het gebouw een puntgevel met een fronton en geprofileerde lijsten van natuursteen; in deze gevel zit nog een ovaal venster. De windwijzer in de vorm van een bazuin blazende engel die op de gevel stond en nu binnen wordt bewaard, bekroonde oorspronkelijk een open koepeltorentje op het oostelijk uiteinde van het dak. Een kroniek doet melding van een ernstige rel in juli 1757. Enkele burgers uit Aken waren naar een schuttersfeest in Vaals gegaan en hadden de bazuinengel een been afgeschoten, waarna de Vaalser predikant 30 man cavalerie uit Maastricht liet komen voor represailles tegen de Rijksstad Aken.

Bij de kerk was een begraafplaats en in het gebouw liggen nog enkele grafsteenfragmenten.

 

De Protestantse Kerk

De “Gemeentetoren” is het oudste gebouw in de gemeente Vaals en mogelijk in de 11de eeuw of later tot in de 13de eeuw opgetrokken van breuksteen. Mogelijk was hij oorspronkelijk bepleisterd. De hoge, achtzijdige, met leien gedekte spits is van recenter datum. De toren, oorspronkelijk verdedigingstoren, behoorde tot de oude (afgebroken) kerk van de St. Paulusparochie, die voor het eerst in 1266 is vermeld. De kerk stond aan de oostkant, waar zich nu de parkeerplaats bevindt; het laatste kerkgebouw, dat nog als “patronaat” diende, werd in 1967 afgebroken.

De (oude) St. Pauluskerk was vóór 1672 een aantal jaren simultaankerk, één kerkgebouw dat katholieken en protestanten samen moesten gebruiken, wat stevige geloofsruzies veroorzaakte.

Van 1646-1648 werd de toren ingrijpend hersteld en in de jaren 1669-1671 liet de Hoogduits- Gereformeerde gemeente Vaals, tegen de noordkant van de toren een nieuwe kerk bouwen in classicistische stijl. De gemeenteleden waren bijna allemaal (welgestelde) protestanten uit Aken en Burtscheid, die niet in Vaals woonden, maar die op zon- en feestdagen naar hier kwamen omdat zij in hun woonplaats geen kerkdienst mochten houden.

Boven de oude ingang aan de westzijde van de toren bevindt zich een fronton met het jaartal 1671. De bouwmeester was Pieter Post, die ook het stadhuis in Maastricht heeft gebouwd. Deze nieuwe kerk werd haaks ten opzichte van de oude parochiekerk gebouwd, die men sinds 1649 ten koste van vele strubbelingen samen met de katholieken als simultaan kerk had gebruikt.

Aan de kant van de toren bevindt zich in de kerk een orgelgalerij met naar voren zwenkende zijkanten; deze galerij rust op 2 kolommen. Het orgel dateert uit 1770 / 1772 en werd bekostigd uit schenkingen van welgestelde leden van de gemeente uit Aken. Het werd ontworpen en gemaakt door de befaamde orgelmaker J. E. Teschemacher uit Wuppertal.

In de kerk bevinden zich diverse grafstenen of fragmenten van grafstenen. Deze dateren alle uit de achttiende eeuw.

De dorpel van de hoofdingang aan de oostzijde van de kerk ligt op maar liefst 215,17 meter boven NAP en is daarmee de enige echte hoogstgelegen kerk van Nederland.

Opmerkelijk voor een Protestantse kerk zijn hier de nieuwe gebrandschilderde ramen.

 

De Sint Jozefkerk

In 1956 krijgt kapelaan Peters, verbonden aan de St. Paulusparochie, de opdracht tot het stichten van een tweede parochie in Vaals. Er wordt een terrein ten noorden van de Maastrichterlaan aangekocht.
Op 29 april wordt de eerste steen gelegd voor een kerk volgens ontwerp van architect Huisman. De kerk wordt toegewijd aan de heilige Jozef. De Sint Jozefkerk wordt op 28 april 1958 ingezegend. In 2004 wordt de kerk weer gesloopt. Op 15 juni 2004 worden de klokken uit de toren verwijderd. Thans staat op de plaats van de kerk een school, bibliotheek en woningen.
                                                                    

© 2017 Heemkundekring Sankt-Tolbert Vaals